Stationsstraat 6, 2570 Duffel | 015 30 38 58 | mail@snorduffel.be

De meisjes van 6 Humane Wetenschappen (wij dus) geven om het klimaat! Om dat te bewijzen namen we afgelopen vrijdag deel aan de Climate Change Conference 2050 in het Europees Parlement.
Om deel te kunnen nemen, moesten we een motivatiebrief schrijven. Onze motivatiebrief werd een filmpje waarin we de toestand van het klimaat aanklaagden. 6 Humane voor het klimaat werd een succes en we kregen meteen twee landen toegewezen: de ene helft van de klas moest Haïti verdedigen, de andere helft deed het met Nieuw-Zeeland.

De bedoeling van de conferentie was om een goed klimaatakkoord uit te denken, dat voor alle landen positief zou uitdraaien. Dat was dan meteen ook de tweede stap: uitzoeken of onze landen akkoord zouden gaan. Zo niet, dan moesten we een goed alternatief bedenken. Elk land had zijn eigen specialisten in transport, voeding en het klimaat.

Goed voorbereid en aangekleed als echte parlementariërs trokken we vrijdag naar Brussel. De meisjes van Nieuw-Zeeland hadden ook Maori-tatoeages op hun gezicht getekend, net zoals de oorspronkelijke bevolking van Nieuw-Zeeland, zoals je kan zien op de foto. Dit was een idee van Lesley, die vijf maanden in Nieuw-Zeeland gewoond heeft. Lesley’s ervaringen hebben ons trouwens heel ver gebracht. Spijtig genoeg brachten ze ons niet op tijd in Brussel, want onze trein had vertraging. Zo kwamen we pas om 9.59 u. aan – één minuut voor aanvang. Na een veiligheidscheck mochten we naar de plenaire vergaderzaal van het Europees Parlement.

De conferentie – bedoeld voor jongeren van zestien tot achttien en van Vlaanderen tot Wallonië – moest op een echte internationale conferentie lijken. Daardoor liepen de jongerendelegaties van eenendertig landen formeel gekleed. We schrokken wel even toen we ontdekten dat alleen de meisjes van Nieuw-Zeeland naast een nette ook een traditionele look hadden. Niet dat we dat erg vonden. ‘Zo vallen we tenminste op’, lachte Lesley.
De conferentie startte met een voorstellingsronde, waarbij elk land precies anderhalve minuut kreeg om zichzelf voor te stellen. Na drie landen werd de voorstellingsronde stopgezet, door technische mankementjes: filmpjes en muziek die niet afspeelden, microfoons die niet werkten … Dus gingen we maar meteen verder met de onderhandelingen.

Tijdens de onderhandelingen werden de landen in machtsblokken verdeeld. Zo waren er rijke landen, groeilanden, ontwikkelingslanden, de OPEC-landen (die olie produceren) … Haïti moest onderhandelen met andere ontwikkelingslanden, terwijl Nieuw-Zeeland als rijk land weerstand moest zien te bieden aan grote landen als de Verenigde Staten en Japan. De machtsblokken werden zelf ook nog in drie categorieën verdeeld: transport, voeding en klimaat.
De bedoeling was om per machtsblok een eigen visie te bedenken waarbij transport en voeding het klimaat niet meer zouden verslechteren. Elk machtsblok had natuurlijk een eigen visie (de OPEC-landen wilden geen al te strenge CO2-taksen, terwijl de ontwikkelingslanden net wel strenge taksen wilden, omdat zij een deel van dat geld zouden krijgen). Een akkoord bereiken in je eigen machtsblok was dus niet moeilijk, maar andere machtsblokken overtuigen was een ander paar mouwen. Daarom mocht elk machtsblok twee specialisten per thema naar een lobbylunch, waar ze de andere machtsblokken zouden moeten overtuigen. Uit onze klas werden maar liefst twee specialisten naar de lobbylunch gestuurd: Nieuw-Zeelanders Lesley (transport) en Maite (klimaat). Terwijl de anderen moesten aanschuiven voor hun maaltijd, werden wij bediend. We vonden dat natuurlijk enorm fijn, maar even eerlijk: de avocadobroodjes en broodjes met geitenkaas waren verpakt in plastiekfolie en werden samen met de drankjes in een kartonnen zak gebracht.
Tijdens de onderhandelingen moesten we onderhandelen met Nederlands- én Franstaligen. Moeilijk, want de tolk die de klimaatspecialisten moest helpen, lukte het soms niet goed. Ook het egoïsme van de OPEC-landen en de VS stond in de weg. Later zou zelfs blijken dat ze achter de rug van onder andere Nieuw-Zeeland het amendement (een voorstel voor het klimaatakkoord) in hun eigen voordeel veranderden, ondanks het akkoord met Nieuw-Zeeland!

’s Namiddags keerde iedereen terug naar de plenaire vergaderzaal. De technische mankementjes waren (eindelijk) opgelost, zodat we verder konden met de voorstellingsronde. De voorzitster maande ons kwaad aan niet te applaudisseren en ook de problemen bleken nog steeds niet opgelost te zijn: het liedje van Haïti kon niet afgespeeld worden, zodat we het zelf moesten zingen, en ook het filmpje van Nieuw-Zeeland werkte niet. Gelukkig hadden we een USB-stick bij. Bij allebei de voorstellingen werd gelachen. Haïti schoot in de lach, terwijl Nieuw-Zeeland uitgelachen werd terwijl ze de eerste halve minuut van hun voorstelling de Haka dansten (een traditionele Maori-dans).
Af en toe werd er toch geapplaudisseerd. Bij de voorstelling van Nieuw-Zeeland werd aarzelend geklapt, terwijl de voorstelling van het Verenigd Koninkrijk (een zelfgeschreven tekst op de melodie van Here comes the sun) zelfs toegejuicht werd. De voorzitster werd opnieuw kwaad, omdat we applaudisseerden.

Na de stille voorstellingsronde werden de amendementen voorgesteld. Sommige landen wilden een strenger akkoord, andere landen net niet. Wat opviel, was dat het er in de echte wereld net hetzelfde aan toegaat: landen als de VS en Saudi-Arabië wilden niet betalen voor hun CO2-uitstoot, terwijl landen als Tuvalu en Haïti een strenger akkoord helemaal geen probleem zouden vinden. Zij stoten namelijk amper uit. Nieuw-Zeeland heeft altijd veel om het klimaat gegeven en heeft zelfs tientallen wetten rond het klimaat, maar stoot nog steeds vrij veel CO2 uit door de landbouw. Een akkoord vinden is dus niet simpel. Vooral niet wanneer de tolken constant ‘euhm … dan zal New York onder water staan … te komen …’ aarzelen.

Na de conferentie vulden we nog een enquête in. De laatste vraag luidde: ‘Wat mag in de vuilbak?’ Ons antwoord luidde unaniem: de kwade voorzitster, de technici en de tolken. Enkelen antwoordden ook: de avocado- en geitenkaasbroodjes.
Tijdens de terugreis babbelden we met mevrouw De Knijf over wat we bijgeleerd hebben. Silke vertelde dat een akkoord sluiten blijkbaar toch niet zo gemakkelijk is. ‘Als het erover gaat in het nieuws, word ik altijd een beetje kwaad omdat ze geen akkoordje kunnen sluiten. Nu weet ik tenminste waarom het zo lang duurt.’
Onze aansluiting had (alweer!) vertraging, maar met een beetje geduld kwamen we allemaal thuis. Enkelen onder ons gingen nog even naar de supermarkt om de broodjes weg te spoelen of om alvast een voorraad in te slaan voor de Praagreis van komende week.

Bekijk hier de samenvatting van de conferentie in het vtm-nieuws.

Lauran (Haïti) & Maite (Nieuw-Zeeland)